Puur genieten bij
Hotel Breukelen
Home > Over ons > Historie

Historie

Vroeger, toen het nog een Chinees restaurant was, kon de happy few er een loempia krijgen voor 25 gulden. Nu zit er een Van der Valk-keuken in, en kan iedereen het gebouw van binnen aanschouwen....

De TEGENSTELLING tussen exterieur en interieur van Hotel Breukelen is groot, heel groot. Van buiten is het gebouw een kopie van het Keizerlijk Paleis uit de Verboden Stad in Peking, binnen heerst Hollandse gezelligheid, verpakt in Engelse country-stijl. Op de kaart in het restaurant is de dim sum al lang geleden verdrongen door de Tournedos Stroganoff. Alleen een straffe Consommé Chinoise doet nog aan het verleden denken.

Drie maanden lang, in het voorjaar van 1988, zwaaide de tot dan toe succesvolle ondernemer Dave Wong er de scepter. Maar toen was de droom voorbij. Een schuld van zeven miljoen gulden deed Wong de das om. Nog geen twee maanden later kocht de familie Van der Valk het failliete Oriental Palace. Het gewone volk mocht eindelijk naar binnen.

'Mijn vrouw en ik zijn er een keer wezen kijken, toen het nog niet over de kop was', vertelt Pieter Timmers, aangetrouwde Valk en directeur van Hotel Breukelen. 'We waren in vrijetijdskleding, en we werden de deur uitgekeken. Een loempia kostte er 25 gulden, dus alleen de happy few kon er terecht.'

Op het gebied van kwaliteit zou Wong geen enkele concessie doen, kondigde hij enige maanden voor de opening aan. Dertig miljoen gulden had hij bijeengegaard om van Oriental Palace een van de tien beste hotel-restaurants ter wereld te maken. Vijf sterren telde het bedrijf, de goedkoopste kamer kostte 280 gulden per nacht, de duurste 750 gulden.

Er kon Kantonees, Schechuanees, Japans en Europees worden gegeten. In de keukens stonden zeven kantonese koks, twee uit Peking en een uit Tokio. 'Echt de top', zei Wong. 'Het is hier straks lekkerder eten dan in Hongkong.

Wong financierde de onderneming met geld dat wegstroomde uit Hongkong. De overname van de kroonkolonie wierp zijn schaduw vooruit, en zakenlieden zochten een nieuwe bestemming voor hun kapitaal. Een deel daarvan kwam terecht in Breukelen, dat maar al te blij was met deze miljoeneninvestering.

En zo verrees midden in het Groene Hart een vijftien meter hoog gebouw in rood, groen en goudgeel, met draken op de muren en een dak met daarop duizenden uit China geïmporteerde dakpannen. In de tuin kon de bezoeker zich verpozen in theehuisjes aan vijvers met uitzicht op een Chinese muur. De pas gerestaureerde Hollandse watermolen, vlak naast het paleis, kon en kan er nauwelijks tegen op.

Na drie maanden had Wong een schuld opgebouwd van zeven miljoen gulden. De restaurants liepen als een trein, maar er werden te weinig kamers verhuurd. 'Het leek op een dol feest, en toen plofte de boel', stelde een vakbondsman verbitterd vast. In het hotel speelden zich vlak na het faillissement chaotische taferelen af. Gasten lunchten nog, terwijl de tafel waar zij aan zaten door schuldeisers werd weggehaald. Tv's, bedden, serviesgoed en kasten verdwenen onder de ogen van het verbijsterde personeel. De ontreddering was compleet.

Een groep Oosterse investeerders toonde vervolgens belangstelling, en er rezen protesten toen Yab Yum zich opwierp als koper. Maar uiteindelijk was het Gerrit van der Valk die veertien miljoen gulden neertelde voor Oriental Palace. Belangrijkste voornemen: 'Het dak gaat eraf.'

Directeur Timmers, 25 jaar later: 'Daar hadden we helemaal geen tijd en geld voor. We begonnen met twee keer niks. Na een paar weken zijn we geopend, en we hebben de eerste jaren keihard moeten werken om de schuld af te betalen. We waren een dief van ons eigen portemonnee geweest als we aan dat dak hadden gezeten.'

De belangstelling van het publiek voor het curieuze Chinees ogende gebouw was overweldigend, zeker na alle publiciteit over de ondergang. 'Mijn schoonmoeder stond de lobby te stofzuigen, een week voor de opening. Er stonden wat mensen naar binnen te kijken, en zij vond het vervelend om die buiten te laten staan. Binnen de kortste keren liepen hier tweehonderd man rond', vertelt Timmers.

Die begindagen, dat zal hij nooit meer zo meemaken. 'Mensen parkeerden hun auto op de vluchtstrook van de A2. Ze moesten anderhalf tot twee uur wachten voor ze aan de beurt waren, en dan nog een uur op het eten. Vonden ze geen enkel bezwaar. We moesten zelfs personeel uit onze Duitse vestigingen inzetten. Werd over geklaagd door sommige gasten, omdat hun dat aan de oorlog deed denken.'

Het gebouw deugt, vindt Timmers. Althans, van binnen. 'Het zit bijzonder slim in elkaar. Als ik nog eens een hotel-restaurant zou moeten bouwen, zou ik het ook zo doen.'

 

 

Een bewogen geschiedenis

Lees alles over de grootste horeca-familie van Nederland in een speciaal verschenen boek.

 

Werken bij van der Valk

Wij zijn altijd op zoek naar mensen met talent. Kijk hier naar de mogelijkheden.